030-2299800
Marijn Bon:

‘Werken met autisme, dat moet de norm worden’

Marijn Bon (37, syndroom van Asperger) is webredacteur en content-migratiespecialist bij Swink, een in online marketing gespecialiseerd Amsterdams internetbureau waar voornamelijk mensen met autisme werken. 'Gelukkig mag je heel erg autistisch zijn als je webteksten schrijft. Alles moet immers kort, krachtig en concreet.’

  Marijn Bon
 

‘Dankzij mijn autisme werk ik erg gestructureerd

Marijn:

‘Na mijn opleiding aan de School voor de Journalistiek werkte ik jarenlang als webredacteur, onder andere voor grote ministeries. Ik deed mijn werk heel goed, er viel niks op aan te merken. Maar eenmaal thuis had ik nergens meer energie voor. Een sociaal leven had ik vrijwel niet. 

Ik had zo nog héél lang door kunnen gaan, maar gelukkig was ik dan niet geworden.

Op 32-jarige leeftijd kreeg ik de diagnose syndroom van Asperger. Een vriendin wees mij op een vacature bij Swink. In de tekst stond: ‘Wij houden rekening met je autisme, maar je bent hier niet zielig.’ Dát gaf voor mij de doorslag - zonder die toevoeging ‘je bent hier niet zielig’ had ik nooit gesolliciteerd.


Coming out

Het fijne van een baan bij Swink is dat ik mijn autisme niet hoef te verbergen en dat ik mag doen waar ik goed in ben. Het nadeel is dat het hier op je voorhoofd staat geschreven dat je autisme hebt. Daar zat ik in het begin heel erg mee. Ik was bang was dat ik door toekomstige werkgevers zou worden afgewezen, vooral omdat autisme vaak ten onrechte als communicatiestoornis wordt gezien.

Op een dag besloot ik dat ik maar het beste open kan zijn over mijn autisme, omdat ik alleen zo het bestaande beeld kan veranderen. De eerste stap van mijn coming out was een interview voor een UWV-tijdschrift. Daarna kwam er - met mijn toestemming - een zogeheten header op de website van Swink te staan met daarin een foto van mij en de tekst: ‘Dit is Marijn, ze heeft autisme en is extreem georganiseerd.’ Dat was echt right in your face

Vriendschappen

De diagnose autisme was voor mij een enorme opluchting. Voorheen leefde ik voor mijn gevoel toch als een kip zonder kop omdat ik werkelijk geen idee had waarom ik toch altijd zo moe was. Nu is het leven veel simpeler: ik weet dat ik niet drie dingen op één dag moet afspreken. Dan gaat het mis.

Anders dan vroeger lukt het mij nu ook beter om vriendschappen te sluiten. Ik ben meer ontspannen, begrijp beter hoe ikzelf communiceer en hoe anderen dat doen. Vroeger wilde ik teveel duidelijkheid. Als iemand spontaan zei: ‘We gaan binnenkort afspreken!’, dan vroeg ik onmiddellijk: wanneer dan? Heel drammerig. Nu denk ik: prima, ik merk het wel. Ook ben ik mij er meer van bewust dat ik soms enorm kan ratelen, dat heb ik nu iets meer in de hand.


Autonomie

Op mijn werk heb ik eigenlijk maar drie dingen nodig: een eigen plek in een rustige ruimte, waardering voor mijn feedback en zoveel mogelijk autonomie.
Dankzij mijn autisme werk ik erg gestructureerd. Zo nu en dan geef ik klanten op eigen initiatief een schema met daarin informatie over waar we nu staan en wat er nog moet gebeuren. Dat doe ik om zelf overzicht te houden, maar klanten blijken dit ook prettig vinden.

Door mijn autisme vind ik direct communiceren het prettigst. Diplomatiek communiceren gaat mij goed af, maar daaraan heb ik eigenlijk een hekel omdat ik dit vaak niet effectief vind. Gelukkig mag je heel erg autistisch zijn als je webteksten schrijft. Alles moet immers juist kort, krachtig en concreet.

Kantoortuin

Details, zoals spelfouten, vallen mij eerder op dan anderen. Ook zie ik snel wat er niet goed gaat. Onbekenden denken daardoor soms dat ik als persoon alleen maar negatief ben. Zelf heb ik dat ook een tijdje gedacht. Maar het klopt niet, want ik kom óók altijd met oplossingen. Een paar maanden geleden verhuisde Swink bijvoorbeeld naar een nieuw gebouw, met een heel grote kantoortuin. Om mij heen zag ik mijn collega’s steeds meer in elkaar gedoken achter hun bureau zitten, door alle omgevingsgeluiden niet meer in staat om zich te concentreren. Bij een andere werkgever had ik hier niet zo snel iets van gezegd. Bij Swink doe ik dat wel omdat ik weet dat het wordt gewaardeerd. Ik stelde voor om voortaan niet meer naar elkaar toe te lopen om mondeling ergens over te overleggen, maar om te gaan chatten. Sindsdien gaat het echt een stuk beter.

Door mijn autisme vind ik het soms moeilijk om overzicht te houden, maar daar heb ik iets op bedacht: hulp vragen. Vroeger pakte ik de taak die als eerste binnenkwam ook als eerste op. Nu stap ik bij twijfel naar mijn leidinggevenden en vraag: wat heeft jullie prioriteit? Dat waarderen zij erg, soms moeten zij daar zelf ook nog eens goed over nadenken. Vervolgens maak ik een to do-lijstje met nummertjes.

Werken met autisme, dat moet wat mij betreft de norm worden. Werkgevers moeten niet langer vrezen: straks valt hij of zij uit. Want als zij ervoor zorgen dat er geen stress is op de werkvloer doordat iedereen zijn werk onder de juiste omstandigheden kan doen, dan valt er helemaal niemand uit.’

Interview: Julie Wevers. Fotografie: Joris den Blaauwen